Chrono Calculator
Informatie voor docenten
Highscores - Charge Your Brainzzz Game

Slaapgedrag en slaapstadia

Bijna alle levende wezens hebben slaap nodig. Maar wat is dat eigenlijk, slaap? Tijdens je slaap is je lichaam in rust; je hart klopt minder snel en je bloeddruk is lager. Ook adem je vaak langzamer en oppervlakkiger. Je spieren zijn ontspannen. Je bent je veel minder bewust van je omgeving dan wanneer je wakker bent.

 

Als je slaapt zijn je ogen gesloten en je beweegt nauwelijks. Meestal lig je languit of juist opgekruld, vaak op een speciale plek: je bed.  Het lijkt net alsof je lichaam even uitgeschakeld staat. Maar niets is minder waar. Je hersenen hebben het druk, zelfs als je slaapt. Hoe actief je hersenen zijn, hangt echter af van hoe diep je slaapt.

Verschillende stadia van slaap meer lezensluiten

Tijdens je slaap gebeurt er van alles in je hersenen. Op basis van je hersenactiviteit tijdens je slaap kun je onderscheid maken tussen verschillende slaapstadia.

 

Slaapstadium N1

Wanneer je nog maar net in slaap bent gevallen, slaap je nog niet diep. Je hersenen zijn dan nog behoorlijk actief. Best logisch, want nog maar kort geleden had je waarschijnlijk nog gesprekken met je ouders of broers en zussen, of zat je misschien nog in bed te appen met je vrienden. Dit eerste deel van de slaap noemen we ook wel slaapstadium N1. Je wordt je langzaamaan minder bewust van je omgeving. Je doezelt en je gedachten dwalen weg, maar je kan nog wel heel makkelijk weer wakker worden. Ook gaan je ogen langzaam bewegen achter je oogleden: van links naar rechts en van boven naar beneden.

 

Slaapstadium N2

Een paar minuten nadat je in slaap bent gevallen, ga je wat dieper slapen. Je hersenactiviteit verandert. Je ogen bewegen niet meer. Je bereikt slaapstadium N2. Dit is een slaapstadium dat gedurende de nacht vrij veel voorkomt. Het is je lichte slaap. Van geluiden word je niet zomaar meer wakker, maar wakker worden gaat nog relatief makkelijk.

 

Slaapstadium N3

Ongeveer 10 minuten later bereiken je hersenen slaapstadium N3. Dit is het diepste slaapstadium. Dat kan bij jongeren in het begin van de nacht wel een uur duren. Je hersenen zijn nu waarschijnlijk druk bezig met het verwerken van de dag, maar kunnen niet meer snel reageren op dingen die in je omgeving gebeuren. Je lichaam is nu heel ontspannen en je slaapt als een roos.

 

REM-slaap

Na de diepe slaap uit slaapstadium N3 bereik je het slaapstadium waarin je vaak uitgebreide dromen krijgt: de REM-slaap. Als je hersenactiviteit wordt gemeten, lijkt het bijna alsof je wakker bent, maar je slaapt wel door en bent ook nu moeilijk te wekken. Je hart gaat weer sneller kloppen, maar wel onregelmatig. Je haalt ook onregelmatig adem. Je ogen maken soms hele snelle bewegingen. Tijdens dit slaapstadium kun je iemands ogen soms plotseling heen en weer zien schieten achter de oogleden. (Daarom wordt dit slaapstadium REM-slaap genoemd. REM staat voor Rapid Eye Movement oftewel ‘snelle oogbewegingen’.) De andere spieren zijn tijdens dit slaapstadium echter helemaal verlamd. Je kunt je niet bewegen, op hele korte spiertrekkingen na van bijvoorbeeld je benen of je gezicht. In het begin van de nacht duurt deze REM-slaap vaak zo’n 10 minuten. Later in de nacht duurt de REM-slaap langer, soms 45 tot wel 60 minuten.

De slaapcyclus meer lezensluiten

Als je één keer alle slaapstadia hebt doorlopen, noem je dat een slaapcyclus. Na de REM-slaapfase begint de slaapcyclus opnieuw bij slaapstadium 1 of 2. In het begin komt ook slaapstadium N3 voor, maar aan het eind van de nacht niet meer. Tijdens één nacht doorloop je gemiddeld 4 tot 5 complete slaapcycli. Tenminste, als je op tijd naar bed bent gegaan.

 

Veranderend slaappatroon meer lezensluiten

De hoeveelheid slaap die je nodig hebt verandert als je ouder wordt. Ook de samenstelling van je slaap, bestaande uit de verschillende slaapstadia, verandert. Baby’s slapen wel zestien uur op een dag. Tieners tussen de 11 en 14 jaar hebben ongeveer 9 uur slaap nodig. Volwassenen hebben gemiddeld 8 uur slaap nodig, al zijn er op iedere leeftijd duidelijke individuele verschillen. Ook de duur van de slaapstadia verandert met je leeftijd. Bijvoorbeeld: van de 16 uur die baby’s slapen is ongeveer de helft REM-slaap. Kleine kinderen hebben gemiddeld drie uur REM-slaap in totaal, terwijl je vanaf de tienerleeftijd nog slechts één uur REM-slaap hebt. De diepe slaap neemt ook af met leeftijd; tieners kunnen heel diep slapen soms wel 3 uur per nacht, maar senioren hebben vaak helemaal geen slaapstadium N3 meer. De samenstelling van een slaapcyclus - en dus je hele slaappatroon - verandert dus met leeftijd.

Dromen meer lezensluiten

Soms lijkt het net alsof je tijdens je slaap in de bioscoop zit: in je hoofd speelt zich een soort film af. Dromen gaan over dingen die je bezighouden. Vaak worden er heel rare combinaties gemaakt tussen dingen die je net hebt meegemaakt. Of juist dingen van vroeger. Als je net een een belangrijk voetbaltoernooi hebt gespeeld, is de kans groot dat je ‘s nachts hierover droomt.

 

Soms herken je niet direct waar je droom mee te maken heeft. Toch zijn je dromen gebaseerd op je eigen gedachten. Ze gaan eigenlijk altijd over je eigen verwachtingen en ervaringen. Daardoor voelen de emoties uit een droom soms heel echt aan. Een droom kan je dus echt raken. Aanhoudende nachtmerries kunnen dan ook erg vervelend zijn. Er bestaan gelukkig wel methodes om van steeds terugkerende nachtmerries af te komen. Klik hier om meer te lezen over de behandeling van nachtmerries.

 

Het is nog niet geheel duidelijk of dromen ook een functie hebben. Het slaapstadium waarin je vaak droomt, de REM-slaap, echter wel. (Klik hier om meer te lezen over slaapstadia). Mensen die geen REM-slaap hebben, worden moe, geïrriteerd en kunnen slecht nieuwe dingen leren. Daarnaast is REM-slaap belangrijk voor de ontwikkeling van de hersenen. Je droomt echter niet uitsluitend tijdens de REM-slaap. Het gebeurt ook soms tijdens een ander slaapstadium.